De reis of de
bestemming?

Deel 5

Rustig
zomerweer

Peer wandelde mee Nieuwpoort in en samen wachtten ze zwijgend op de
tram. Een laatste kus en “het ga je goed” van Peer en een “ik zag je graag” met
een traan van Paula. Peer keek de tram na en dacht, wat nu?

In de tram voelde Paula hoe de huid van haar onderbuik en de
binnenkant van haar dijen schrijnde. Zijn stoppelbaard, dacht ze. Ze dacht
terug aan de seks van die morgen en voelde dat ze nat werd. Ze maakte een
onwillekeurige beweging met haar hand naar haar kruis. Oeps, dacht ze, wat is
er met de keurige vrouw van de schepen gebeurd. Ze keek om zich heen in de
bijna lege tram, gelukkig, niemand lette op me. Zal ik, stiekem even voelen hoe
nat ik ben? Nee stomme muts. je bent bijna vijfenveertig. Straks in het
appartement nazorg verlenen. Niets voor een vaste relatie zo’n rare Peer met
zijn buien en zijn onverwachte spontane acties. Maar wel een goede minnaar en
fijn gezelschap. Leuk om er bij te hebben. Waarbij? Stom schaap, dacht ze. Als
de scheiding rond is heb je niet eens een echtgenoot meer. Een
contactadvertentie? Nee, dat nooit. Met een glimlach bedacht ze wel een tekst.
‘Gezocht toffe Peer. Flink geschapen. In bezit van zeiljacht. Niet TE
avontuurlijk’.

Na Paula uitgezwaaid te hebben maakte Peer een lange wandeling. Langs
de vuurtoren door de duinen en over het strand. Alleen met zijn gedachten. De
afgelopen twee weken; hoe hij zich klote voelde; het avontuur met Paula en de
reis naar Engeland. Paula, een leuk mens, goede kameraadschap en heerlijke seks.
Wat een verrassing en wat een verademing zo’n vrouw. Het was nota bene begonnen
doordat hij ruzie zocht in die kroeg in Zeebrugge. Wat zich daarna ontwikkelde
was fijn en goed voor hem geweest. Hij dacht na of hij spijt voelde dat hij
Sjaan opnieuw besodemieterd had. Een beetje wel, maar aan de andere kant had
het hem geholpen. Seks en avontuur in plaats van Prozac. De mist in zijn hoofd,
die zijn normale optimisme en zelfvertrouwen belemmerd had, was opgetrokken.
Hij dacht na over hoe hij verder met zijn leven zou gaan. Vechten voor de
liefde van Sjaan, zijn kut-baan opgeven en zelfstandig verder gaan? Hij
overdacht en woog zijn opties zonder nog een besluit te nemen.

Die avond raadpleegde hij de lange termijn weersverwachting.
Zuidwesten wind voor de komende vijf dagen. Als hij opnieuw richting Franse
kust wilde dan was dat wind tegen. Hij besloot met de wind mee naar het Noorden
te gaan. Tijd zat, naar Denemarken? Een herinnering kwam op aan een
gedenkwaardige reis naar Denemarken, samen met Sjaan. Alleen kan ook, besloot
hij terwijl hij een borrel inschonk.

De volgende dag voer hij naar Breskens. Patat met kibbeling aan de
haven en een berichtje naar Sjaan.

“Wind komende dagen Zuidwest, ga naar het Noorden.” Er kwam
geen reactie en dat irriteerde hem.

Een bericht van Paula deed hem grinniken. “Hi Zeeschuimer, mis je
me? Mijn eerste ‘saaie’ werkdag zit er op. Als ik denk aan wat we deden dan
voel ik nattigheid. Kus, Paula.”

Hij dacht lang na over wel of niet reageren en besloot tot. “Kus terug
van Plop de eenzame zeiler.”

Voor het slapen gaan, alleen in zijn kooi, dacht hij aan Sjaan, aan
seks met Paula en weer aan Sjaan. Tot hij in slaap viel.

De volgende dag trok de wind in de middag aan en miste hij opnieuw een
paar extra handen. De opkomende gedachte, Sjaan zou nu, drukte hij weg. Het
werd Stellendam als bestemming voor de overnachting. Hij was blij verrast met
een bericht van Dil. “Alles ging goed en ze ging werken in het restaurant
van een neef van oom.”

Ondanks drie borrels kwam de slaap slecht. Hij besloot zich af te
rukken en deed zijn best het beeld van Paula voor ogen te halen. Paula
voorovergebogen met haar kont naar hem toe en haar lekkere natte kut klaar om
hem te ontvangen. Het lukte niet, zijn gedachten dwaalden steeds af naar het
beeld van Sjaan op de avond voor zijn vertrek. Haar grote zware bungelende
borsten boven zijn gezicht. Hij gaf het op en zijn laatste gedachte, voor hij
in slaap viel was, ze zal toch niet…

De volgende morgen appte hij naar Sjaan. “Stil aan boord.”

Een uur later hoorde hij het pingeltje van een reactie. “Je hebt
toch een cd-speler.”

De reactie zat hem de hele dag dwars en hij besloot ‘s avonds geen
boodschap te sturen.

De volgende morgen vertrok hij vroeg. Hij wilde Oude Schild halen. Hij
zeilde en luisterde naar muziek. Toen hij ‘s avonds afgemeerd lag, zag hij een
gemiste oproep van Sjaan en een appje, “Hier ook stil.” Hij twijfelde
tussen bellen en appen. Het werd appen. “Stil en ik mis twee handen aan
boord”

Er kwam direct een reactie, “Voor de zeilen of voor?”

Peer dacht aan de warme handen van Sjaan die zijn snikkel vastpakten,
maar hij antwoordde. “Twee armen om me heen met twee handen op mijn rug.”

Als reactie kreeg hij. “Welterusten voor straks met een
smiley.”

De volgende middag voer hij de haven van West Terschelling in.
Verbaasd keek hij rond. Begin juni, nog geen vakantietijd en hartstikke vol.
Een havenmeester voer hem in een rubberboot tegemoet.

“Ken net, schipper.” Peer begon te lachen. “Ken net, in het Fries of
in het Nederlands?”

“Dit is Friesland.”

“In dat geval versta ik vandaag geen Fries. Wat is er aan de hand, dat
het zo druk is en hebt u echt geen plekje?”

“Over een paar dagen begint Oerol. Als u het niet erg vindt om over
vier boten naar de kant te klimmen, dan kan ik u er nog net tussen wringen. Dan
is het voor u “ken net” in het Nederlands.”

Afgemeerd en met een biertje in de kuip dacht Peer na. Oerol, Sjaan
had het er een paar keer over gehad om Oerol te bezoeken en hij had het steeds
afgehouden. Theater en cultuur, niet zijn ding. Na wat aarzelen pakte hij zijn
telefoon en hij belde.

“Dag Schuimer van me, waar ben je?”

Het klonk als een opening met mogelijkheden. Dat maakte dat Peer,
nadat hij verteld had dat hij op Terschelling was, verder ging. Hij stelde
Sjaan voor om een paar dagen vrij te nemen en naar Terschelling te komen om
samen van Oerol te genieten. Het was even stil aan de lijn, tot Sjaan aarzelend
reageerde. Ze wilde graag komen en ze ging het de volgende morgen direct
proberen te regelen. Maar ze wilde ook wat dingen uitpraten en ze had iets op
te biechten. Peer ging er direct op in.

“Nee,” zei ze. “Ik wil het niet over de telefoon bespreken, maar als
we elkaar kunnen aankijken.” Ze spraken verder over neutrale dingen en Sjaan
zou hem bellen, zodra ze wist of ze vrij kon krijgen. Peer voelde zich
opgelucht. Later, op weg naar de douches voorzichtig over vier boten klauterend
om aan de kant te komen, hoorde hij een stem, “niet zo stampen.” Peer twee
weken eerder zou dit een geweldige aanleiding hebben gevonden om te gaan
rellen. Peer op dat moment zei vriendelijk, “goedenavond.”

Sjaan kreeg vrij en het duurde nog anderhalve dag, voordat ze kwam. De
hervonden rust in zijn hoofd was even spoorloos. Het “uitpraten en
opbiechten” spookten door zijn hoofd. Om er niet aan te denken huurde hij
een mountainbike. Trappen, zweten en niet nadenken. Raggen over Terschelling,
geen Sjaan in zijn hoofd. Op het fietspad langs het wad vloog de van de banden
spattende schapenstront tegen hem aan. Geen Sjaan in zijn kop, maar stront voor
de kop. Het hielp zo lang hij fietste, daarna kwamen zijn gedachten steeds weer
terug bij Sjaan. Zou ze over die stomme verliefdheid heen zijn en wat zou er
gebeurd zijn, dat ze het over opbiechten had?

Al voor het aanmeren van de veerboot zag Peer haar staan. Ze zwaaide
en Peer zwaaide terug. Als een van de eersten liep ze, zeulend met een zware weekendtas,
de kade op. Peer liep haar tegemoet en kuste haar. Opgelucht merkte hij dat
zijn kus beantwoord werd. Hij nam haar tas over en wat verlegen met zijn
houding vroeg hij of ze eerst iets wilde drinken in het dorp of direct naar de
boot wilde. Sjaan wilde zo snel mogelijk naar “onze boot”. Daar wilde ze met
hem praten. Tijdens de korte wandeling naar de jachthaven was Sjaan zwijgzaam.
Peer putte hoop uit het vastpakken en vasthouden van zijn hand.

Eenmaal aan boord sloeg ze het aanbod van Peer om koffie te zetten af.

“Eerst praten,” zei ze. Tering dacht Peer, dit wordt ernstig. Hij
wilde beginnen met zijn avontuur en bekentenis. Sjaan viel hem in de reden.

“Ik eerst, ik heb hier lang over nagedacht en ik moet het nu kwijt.”
Peer zag dat ze tranen in haar ogen had en hij wilde ze wegvegen.

“Nee,” zei ze, “luisteren.” Sjaan was vreemd gegaan en ze had er spijt
van.

“Toen jij zo raar deed en boos weg ging en ik dagenlang niets van je
hoorde, was ik eerst ongerust en later was ik boos, heel boos. Ik wilde er met
niemand over praten, maar die collega, waar ik je over vertelde, die zag het
aan me. Hij vroeg wat er was. Ik kon het toen niet meer houden. Ik begon te
huilen en hij leek zo begripvol. Hij troostte me en toen kuste hij me.” Peer
wilde iets zeggen. “Nee, hou je mond alsjeblieft, eerst luisteren. Ik liet het
gebeuren en ik kuste hem ook. We gingen naar het magazijn en daar hebben we
gevreeën. Ik liet toe dat hij aan mijn billen en borsten zat. Hij wilde nog
meer, maar ik was bang dat er collega ‘s binnen zouden komen.” Die avond hoopte
ik opnieuw dat ik iets van je zou horen, want ik wilde het stoppen. Ik
probeerde je te bellen en jij klootzak was onbereikbaar. De volgende dag hebben
we weer gekust en toen stelde hij voor om later met me mee naar huis te gaan.
Dat wilde ik niet en omdat hij ook getrouwd is, stelde hij voor om naar een
hotel te gaan. Hij zou het regelen.”

Verdomme, dacht Peer, zo iets heb ik ook wel eens gedaan. De vuilak! Sjaan
zag Peer zijn woedende blik en zei.

“Hou je in, het wordt nog erger. We gingen naar een hotel bij Schiphol
en… het hotel was vol.” Peer glimlachte opgelucht. Sjaan die het zag, begon
te huilen. Tussen de snikken door stamelde ze, “Ik wilde toen eigenlijk al naar
huis, maar ik liet me over halen om een ander hotel te zoeken. Op de kamer
wilde hij dat we eerst wat dronken. Hij zei dat het heel romantisch was om
samen eerst wat te drinken. Weet je nog die vieze zure rode wijn die ik
afgelopen winter bij de Aldi gekocht heb? Zo’n fles haalde hij uit zijn tas en
dat dronken we uit plastic bekertjes, die hij uit een badkamer op de gang
haalde. Toen wilde hij vrijen en begon hij zich uit te kleden. Ik twijfelde en
keek hoe hij zich uitkleedde en weet je?” Vroeg ze tussen haar tranen door Peer
aankijkend. Peer schudde nee. “Hij was helemaal kaal. Hij had al zijn
schaamhaar en het haar op zijn borst en benen geschoren. En hij had niet zo’n
grote piemel. Ik moest aan mijn broertjes denken, vroeger als die in bad gingen
en omdat ik zenuwachtig was schoot ik in de lach. Zijn piemel werd toen weer
slap.”

“En toen,” vroeg Peer, die nog steeds hoopte op een afloop zonder
neuken.

“Toen schaamde ik me dat ik gelachen had en ik was kwaad op jou en
vond hem zielig.”

Oei, dacht Peer, dus toch!

“Ik heb me uitgekleed en zijn piemel vastgepakt en hard gemaakt. Toen
wilde hij me op het bed duwen en dacht ik aan gelukkig aan een condoom. Ik
vroeg of hij een condoom had en hij haalde een grote voordeelverpakking van
Kruidvat uit zijn tas. Ik wachtte tot hij een condoom omdeed. Hij zat zo te
klooien, om het voordeelpak open te krijgen, dat ik het uit zijn handen trok en
er een condoom uitpeuterde.”

Ze keek Peer, die gespannen luisterde aan. “Toen deed hij vreemd, hij
vroeg of ik het met mijn mond over zijn pik wilde rollen. Met mijn mond! Nou
mooi niet.”

Peer wist dat ze er een enorme hekel aan had om dingen van rubber aan
te raken. Na het aanraken van een elastiekje of een gummetje waste ze al haar
handen. Hij kon zich niet beheersen en begon te grinniken.

“Hij zal het wel in een filmpje gezien hebben,” zei Peer.

“Eigenlijk was ik het zat, ik wilde naar huis. Het is jouw schuld dat
we het toch gedaan hebben. Ik was zo kwaad op je dat ik je wilde straffen. Ik
wilde wat wij hebben kapot maken en toen zijn we toch gaan vrijen. Ze wilde
verder vertellen, maar Peer viel haar in de reden.

“Zal ik mijn verhaal vertellen?” Tot zo ver vond hij het een grappig
verhaal, maar hij was bang dat de details van hun verdere vrijpartij hem te
veel zouden raken. Hij had aan haar opmerking dat ze verliefd was, gemerkt hoe
enorm jaloers hij was.

“Nee, wacht,” zei ze. “Ik wil het kwijt.” Ze begon weer zachtjes
snikken. “Het, het was de meest waardeloze seks ooit.” Gelukkig, dacht Peer,
die zijn gezicht strak hield, om niet te laten merken dat hij dat een
opluchting vond. Die verliefdheid was in ieder geval over.

“Hij kwam bijna direct en hij bleef op me liggen tot ik hem een duw
gaf. Ik had het helemaal gehad met die slijmerd. Vooral toen hij, met die fles
rot wijn in zijn hand zei, “dat was lekker he schat. Wil je nog wat drinken?”

“Ik wilde naar huis en heb hem verteld dat het over was.”

Peer dacht er over om de naam te vragen van de klootzak die aan zijn
vrouw gezeten had en hem op te zoeken. Sjaan zag en herkende zijn
gezichtsuitdrukking.

“Nee Peer, het is over. Nu wil ik jouw verhaal horen.”

Peer vertelde zijn avontuur. Wel maakte hij de rol van Paula wat
kleiner. De mensensmokkel en de mogelijke consequenties leidde gelukkig de
aandacht van Sjaan van Paula af. Sjaan verklaarde hem hartstikke gek. “Je had
wel in de gevangenis kunnen komen.”

Net toen Peer dacht, daar kom ik gemakkelijk mee weg, kwam Sjaan erop
terug.

“Die vrouw, die Paula, daar heb je zeker seks mee gehad?”

Peer ontkwam er niet aan en hij vertelde over zijn achteraf dwaze
besluit om verder celibatair door het leven te gaan. Onthouding als oplossing
van zijn problemen. “Het mislukte al op de avond voor mijn vertrek toen jij…”

“Oh daarom deed je zo stom, door me af te wijzen maakte je me zo
verdrietig.”

Peer vertelde dat hij Paula alleen maar meegenomen had als gezelschap
en hoe ze zijn ochtenderectie had vastgepakt en hem had afgetrokken.

“En daarna?”

“Ja, daarna hebben we seks gehad.” Als ze maar niet vraagt hoe vaak en
op welke manieren.

“Heb je er van genoten?” Peer aarzelde, hij wilde niet liegen, maar
het ook niet zo mooi maken als het was geweest. Sjaan zag zijn aarzeling.

“Vuile klootzak, jij hebt seks gehad en er van genoten. Lieg maar
niet. Terwijl ik… wanhopig was en…”

“Ja, maar jij was verliefd geworden en daar kon ik niet tegen.”

Ze praatten het uit en legden het bij. Ze troosten elkaar en Peer
beloofde beterschap met meer aandacht voor Sjaan. Dat leidde tot knuffelen en
tot meer. Ze streelden elkaar en bezochten oude en vertrouwde plekjes. Ze
kleedden elkaar uit en Sjaan nam de regie. Ze vond dat ze nog heel wat te goed
had en dat zei ze ook.

“Ik wil dat je me verwend. Ik wil door je gelikt worden en ik ga je
niet pijpen. Dan had je hem maar niet in een andere kut moeten stoppen.”

Ja, dacht Peer, daar heeft ze gelijk in. Hij kende zijn Sjaan, erop
vertrouwend dat hij niets te kort zou komen ging hij met zijn mond naar haar
poes. Zijn tong deed nog even niets. Sjaan pakte zijn hoofd vast en bewoog zo
zijn lippen over haar poes. Peer begreep de aanmoediging en hij wist de weg.
Hij drukte zijn tong in haar spleet en proefde de vertrouwde smaak. Nog even
kwam de gedachte aan die andere kerel in hem op en dacht hij, gelukkig dat ze
een kapotje gebruikt hebben. Zijn tong vond het voor hem zo vertrouwde
genotsknopje. Hij like haar en hoorde haar zachte geluiden van genot. Hij
noemde haar niet voor niets zijn spinnende poes. Het duurde niet lang of Sjaan
liet zijn hoofd los om op zoek te gaan naar zijn erectie. Terwijl hij door
likte kneedde ze zijn pik. Wat hij al verwachtte gebeurde, Sjaan begon aan hem
te sjorren om hem op zich te krijgen en om zo zijn snikkel in haar mond te
nemen. Peer likte door en genoot van de streling van haar lippen en haar tong
op zijn pik. Hij begon ongeduldig te stoten. Dat strookte niet met het plan van
Sjaan.

Ze liet even zijn pik uit haar mond ontsnappen en zei, “ik wil het
doen. Ga eens op je rug liggen.” Met Sjaan boven gingen ze verder. Haar orgasme
kwam en ze kreunde met zijn pik ver in haar mond. Het extra gevoel dat dit gaf
was verrukkelijk. Peer voelde zijn zaad koken en hij wilde het nog stoppen door
zich uit haar mond terug te trekken. Sjaan hield vast met haar lippen en haar
hoofd volgde zijn terugtrekkende beweging. Er was geen houden meer aan. Peer
spoot en Sjaan opende haar lippen voor een schreeuw van genot.

Later die dag klauterde Peer samen met Sjaan over de naburige boten
naar de steiger voor een bezoek aan de douches. Hij zag hoe een vrouw, op de
boot van de klager over het stampen, naar hem staarde. Hij gaf haar een knipoog
en merkte tot zijn voldoening dat ze rood werd. Op de steiger vroeg Sjaan.

“Zag je die vrouw kijken, hebben we veel kabaal gemaakt?”

“Viel wel mee,” jokte Peer.

“Je liegt,” zei Sjaan “en ik zag je knipogen naar die vrouw. Je bent
van mij en waag het niet nog eens om vreemd te gaan.”

“Het is
niet het begin of de bestemming waar het op aan komt. Het is de reis er
tussenin,”
dat speelde meer dan een
maand terug door zijn hoofd.

Deze reis zat er op.

Een weg
ontstaat door hem te belopen.

Tinus Boot

Graag
jouw waardering als reactie onder dit verhaal?